Wat betekent de oorlog in Oekraïne voor beleggers?

24 februari 2022
Wat betekent de oorlog in Oekraïne voor beleggers?
24 februari 2022

De militaire dreiging van Rusland zorgde voor dalende aandelenkoersen de afgelopen weken. Na het erkennen van de onafhankelijkheid van de twee separatistische regio’s in Oost-Oekraïne, Donetsk en Loegansk, is Rusland vannacht gestart met een militaire operatie in de Oekraïne. Het Westen heeft inmiddels gereageerd met sancties. De onzekere afloop leidt tot de vraag wat je als belegger het beste kunt doen in een dergelijke situatie.


Wat kun je doen als belegger?

Uit historische data blijkt dat bij oorlogsdreiging de aandelenmarkten dalen, terwijl de olieprijs sterk oploopt. Onzekerheid over de aanvoer van olie en het verbreken van handelsverdragen zijn daar de belangrijkste reden voor. Maar daar staat tegenover dat in eerdere situaties de aandelenmarkten juist herstelden op het moment dat de oorlogsdreiging uitmondde in een daadwerkelijke oorlog.


Eerste wereldoorlog:

Aanvankelijk daalde de koersen met 30% in 1914, waarna de beurs maandenlang was gesloten. In 1915 heropende de beurs en sloot 88% hoger. Over de hele periode 1914 – 1918 steeg de beurs 43%, ofwel 8,7% per jaar.


Tweede wereldoorlog:

Voorafgaand aan de tweede wereldoorlog was er geen koersdaling. De dag dat Duitsland op 1 september 1939 Polen binnenviel, steeg de Dow Jones-index zelfs met 10%. De aanval van Japan op Pearl Harbour veroorzaakte een daling van 3%, deze daling werd binnen een maand tenietgedaan. De Dow Jones-index steeg tijdens de tweede wereldoorlog gemiddeld 7% per jaar.


Vietnam oorlog:

Tussen 1965 en 1973 vond de dramatische oorlog in Vietnam plaats, waar de Amerikanen niet bepaald succesvol waren en de financiële kosten de pan uitrezen. Desondanks steeg de Dow Jones-index gemiddeld 5% per jaar in die periode.


Golf oorlog 1991:

De weken voor het begin van de golfoorlog daalde de S&P 500 index 5% en steeg de olieprijs met 12,5%. Echter op de dag dat de Amerikanen de luchtaanval opende steeg de S&P 500 met 3,7% en daalde de olieprijs meer dan 30%.


11 september en de oorlog in Irak in 2003:

Na de terroristische aanslagen van 11 september 2001 daalden de aandelenkoersen in eerste instantie, maar de verliezen werden ook toen weer snel goedgemaakt. In de drie maanden voor de aanval in Irak was de S&P 500 met 11% gedaald en de olieprijs met 40% gestegen. In de week na de aanval in maart 2003 steeg de S&P 500 met 8% en daalde de olieprijs 25%.


Annexatie Krim 2014:

In de aanloop naar de annexatie van de Krim verloor de S&P 500 index circa 5%, echter ook dit verlies werd na de daadwerkelijke annexatie weer snel teniet gedaan.


Uitzondering: Jom Kipoer oorlog 1973:

Israël werd aangevallen door Egypte en Syrië, gesteund door Irak, Marokko, Algerije, Koeweit en Saoedi-Arabië, in oktober 1973. De oorlog duurde slechts drie weken maar de vrede tussen Israël en Egypte werd pas in 1979 getekend. Deze oorlog was het begin van de oliecrisis en zorgde voor een grote recessie in de jaren zeventig. De aandelenkoersen hadden 5 jaar nodig om weer op het niveau van voor de oliecrisis te komen.


Conclusie:

Uit historische data blijkt duidelijk dat de dreiging van oorlog zorgt voor onzekerheid en dalende koersen. Op het moment van het uitbreken van oorlog herstellen de koersen vrij snel weer en op lange termijn blijkt de invloed zelfs verwaarloosbaar. Met uitzondering van een aantal Russische bedrijven is de impact van het conflict op de meeste grote beursgenoteerde bedrijven minimaal. Dat geldt ook voor de bedrijven uit onze topselectie. 



Echter koerspatronen uit het verleden zijn natuurlijk nooit een garantie voor vergelijkbare patronen in de toekomst.

Deel dit blog

gerelateerde artikelen

door Loege Schilder 2 juni 2026
Atea is marktleider in IT-infrastructuur in Scandinavië en de Baltische staten. Het bedrijf profiteert van megatrends zoals AI, cybersecurity en de vernieuwing van bedrijfscomputers. De kracht van Atea zit niet in eigen hardware of software, maar in distributie, integratie en uitvoering. Het bedrijf verbindt grote tech-leveranciers met duizenden klanten in Noord-Europa en profiteert van grote volumes en langdurige klantrelaties. Door de sterke marktpositie en focus op de Scandinavische en Baltische landen is deze positie lastig te kopiëren voor potentiële concurrenten. Ondanks de sterke marktpositie stonden de marges de afgelopen tijd onder druk. Daardoor daalde de aandelenkoers en werd de waardering aantrekkelijk, wat een mooie kans biedt voor beleggers.
door Loege Schilder 2 juni 2026
Gentex werd in 1974 opgericht om rookdetectieapparatuur te produceren. In 1982 werden de eerste anti-verblindingsbinnenspiegels verkocht, gevolgd door spiegels met elektrochrome technologie in 1987. Het bedrijf heeft zich ontwikkeld als een van de dominante leveranciers voor de automobielindustrie. Zo’n 90% van de omzet van Gentex komt uit de automobielsector. Gentex heeft vrijwel een monopolie positie op het gebied van dimbare spiegels. Dit zorgt voor een stabiele basis, maar maakt het bedrijf tegelijkertijd afhankelijk van de autoverkopen. Gentex probeert die afhankelijkheid te verminderen door te diversificeren naar andere sectoren zoals luchtvaart, gezondeheidszorg en biometrische toegang.
door Loege Schilder 2 juni 2026
De laatste week van mei werd gekenmerkt door forse koersbewegingen. Dell Technologies kwam met goede cijfers en steeg 30%, nadat het aandeel in de afgelopen maanden al meer dan verdrievoudigd was. Intuit ging een week eerder juist meer dan 20% omlaag na tegenvallende cijfers en staat sinds begin 2026 ruim 40% lager. Dergelijke grote koersuitslagen komen steeds vaker voor. Wat betekent dat voor het DB Flagship Fund? Ook in de portefeuille van het DB Flagship Fund zien we steeds vaker forse koersbewegingen. In mei presteerde Enphase het beste met een plus van meer dan 100%, FirstSolar steeg ruim 50% en Infineon ruim 40%. Enphase was in april nog de grootste daler. Op de beurs een wereld van verschil, terwijl er voor het bedrijf natuurlijk weinig veranderd is in een maand. Particuliere beleggers zorgen voor meer beweging De bewegingen op de beurs worden steeds meer gedreven door particuliere beleggers blijkt uit de cijfers van diverse banken in de VS. Die particulieren vertonen speculatiever gedrag dan professionele beleggers. Ze beleggen meer met geleend geld of in hefboom producten, ze kopen aandelen met een hogere risicograad en ze kopen vaak aandelen op een dipje in een verder positieve koerstrend. De meest opvallende koersstijgingen die jaar komen op naam van geheugenchip makers. Deze chips zijn nodig voor het uitvoeren van AI-modellen en sinds april 2025 gaan de koersen heel hard omhoog. Zo bereikte het aandeel Micron vorige week een waarde van 1000 miljard doordat de koers vertwintigvoudigde. Aandelen als Sandisk, SK Hynix en Western Digital hebben een vergelijkbare stijgingen gezien. Door de enorme vraag naar memory chips is de winst per aandeel van Micron gestegen van $1,30 in 2024 naar $8,02 in 2025 en voor 2026 wordt $58,02 verwacht. De sterke stijging wordt vooral gedreven door prijsstijgingen, want Micron verkoopt niet eens zoveel meer chips. De koersstijging van het aandeel wordt gedreven door de winstgroei, maar ook door beleggers die speculeren op een koersstijging via afgeleide producten. Zo zijn miljarden gestroomd naar producten waarin met een hefboom kan worden belegd in Micron. Het belegd vermogen van een ETF met daarin 7 memorychip aandelen steeg binnen een maand naar meer dan 5 miljard. Rotatie naar andere marktsegmenten We hebben de afgelopen jaren meerdere keren gezien dat een segment van de markt in de schijnwerpers stond met forse koerswinsten tot gevolg. In een aantal gevallen daalden de koersen vervolgens ook weer toen de verwachtingen niet werden waargemaakt. Achtereenvolgens gebeurde dat met cryptocurrencies, edelmetalen en bedrijven uit het OpenAI-kamp zoals Oracle. De aandacht verschuift dan naar de volgende groep. Ik durf geen voorspelling te doen wanneer de hausse rond geheugenchips eindigt, maar op enig moment verschuift de aandacht van beleggers weer naar de volgende categorie. De afgelopen maand stonden aandelen van bedrijven die de energie aan datacenters leveren in de schijnwerpers. De eerder genoemde aandelen Enphase, FirstSolar, Infineon en Borgwarner uit de portefeuille hebben daarvan geprofiteerd. Is het nu de beurt aan software aandelen? Aan het einde van mei gingen ook de koersen van software aandelen omhoog. De iShares Expanded Tech-Software Sector ETF (IGV), een Amerikaanse ETF met ruim 130 software aandelen, steeg de laatste twee dagen van mei ruim 9% en begon juni ook 4% hoger. Software aandelen hebben de afgelopen maanden sterk onder druk gestaan omdat beleggers twijfelden over hun verdienmodel met de opkomst van nieuwe AI-tools. Vooralsnog blijkt uit de kwartaalcijfers dat de meeste softwarebedrijven juist profiteren van AI doordat ze sneller en goedkoper kunnen ontwikkelen. Als dat het geval blijkt, zijn deze aandelen onterecht afgestraft en kunnen de koersen herstellen. De herstelpotentie is bij sommige aandelen meer dan 100%. Hopelijk gaat het in hetzelfde tempo als bij de semiconductor aandelen; dat mandje is de afgelopen 2 maanden ruim 80% gestegen. DISCLAIMER De informatie in dit document is met zorg samengesteld door DB Flagship Fund, het kan echter dat in het document een fout of onvolkomenheid is opgenomen. DB Flagship Fund garandeert dan ook niet dat de informatie in dit document juist en volledig is. De informatie in dit document vormt geen beleggingsadvies of een beleggingsaanbeveling. DB Flagship Fund biedt geen enkele garantie dat de in dit document beschreven beleggingsstrategie leidt tot een positief beleggingsresultaat. Aan beleggen zijn financiële risico’s verbonden. Het risico bestaat dat uw inleg geheel of gedeeltelijk verloren gaat. Medewerkers van DB Flagship Fund kunnen positie hebben in de genoemde aandelen op 2 juni 2026.
Lees alle blogs