Ecologisch beleggen, de E van ESG

2 september 2021
Ecologisch beleggen, de E van ESG
2 september 2021

Onze cursisten, leden en trouwe lezers van onze artikelen horen ons vaak zeggen: Duurzaamheid is meer dan alleen milieu en klimaat! We hebben het dan over de andere twee, vaak minder bekende factoren S van sociale verantwoordelijkheid en G van goed ondernemingsbestuur. Maar vandaag willen we juist de “E” in het zonnetje zetten.

Ecologisch beleggen, de E van ESG

Wat is de “E” van ESG

De E staat voor Environmental. In het Nederlands zijn het de ecologische of milieufactoren. Daaronder vallen kort samengevat alle activiteiten die bijdragen aan het beperken van klimaatverandering en/of aan klimaatadaptatie. Te denken valt o.a. aan watermanagement, opwekken en gebruik van groene energie, stikstofreductie, CO2-reductie en circulaire economie. 


De groene taxonomie is het Europese raamwerk voor duurzaamheid. In de taxonomie is vastgelegd welke activiteiten als duurzaam aangemerkt kunnen worden. De voorwaarden hiervoor zijn o.a.:

  1. Een substantiële bijdrage leveren aan de in de taxonomie genoemde milieudoelstellingen
  2. De milieudoelstellingen niet ernstig in gevaar brengen
  3. Voldoen aan de technische screeningscriteria van de Europese Commissie


De internationale klimaatdoelstellingen zijn ambitieus en meer dan noodzakelijk. Iedereen kan hieraan bijdragen, zo ook de financiële sector. Niet alleen institutionele, ook particuliere beleggers vinden duurzaam beleggen steeds belangrijker. Niet in de laatste plaats vanwege het betere rendement.


Wat is duurzame financiering

De Europese Commissie omschrijft duurzame financiering als "rekening houden met ecologische en sociale overwegingen bij besluitvorming over investeringen”. Het doel is het stimuleren van investering in duurzame activiteiten die vooral op de langere termijn gericht zijn. 


Ruim 3 jaar geleden ontwikkelde de EC het “Action Plan: Financing Sustainable Growth”. Dit actieplan voor duurzame financiering vormt de basis voor duurzaamheidsverordeningen en wetgeving. Deze verplichten de financiële sector om ESG-factoren in overweging te nemen. Tot de verordeningen horen de:

  1. Sustainable Finance Disclosure Regulation (SFDR)
    De SFDR verplicht de spelers op de financiële markten om duurzaamheidsinformatie te publiceren.
  2. Taxonomie
    In de taxonomie is vastgelegd welke activiteiten als duurzaam aangemerkt kunnen worden.


Ecologische impact meetbaar maken

Het uniforme raamwerk voor de definitie van duurzaamheid is nog in ontwikkeling. Op dit moment bestaat nog niet één instrument dat overal hetzelfde is. Financiële instellingen gebruiken de ESG-score als maatstaf voor duurzaamheid. Deze geeft aan hoe duurzaam een bedrijf werkt en daarmee de duurzame impact van een belegging. Hoe meer rapportage een bedrijf ter beschikking stelt, hoe hoger de kans op een goede ESG-score. 


Er zijn verschillende aanbieders van ESG-data. Tot de meest bekende behoren Sustainalytics, S&P Global en Refinitiv. Iedere aanbieder hanteert een andere schaal en methode. Bij het vergelijken van ESG-scores moet hiermee rekening gehouden worden. Zo kijkt Sustainalytics vooral naar het ESG-risico. Hoe lager de score, hoe duurzamer de belegging. S&P Global onderzoekt de positieve impact van een bedrijf. Hierbij geldt, hoe hoger de score, hoe beter de investering. Refinitiv deelt A-, B- en C-scores uit. 


Er kunnen ook interpretatieverschillen zitten tussen de aanbieders. Het loont om hier zorgvuldig naar te kijken om niets over het hoofd te zien.


Duurzaamheidsagenda’s in de praktijk brengen

Los van de ESG-score zijn er bedrijven die zelf pogen om hun duurzaamheidsagenda, of onderdelen ervan, meetbaar te maken. Dit is noodzakelijk om investeerders beter in hun informatiebehoefte te kunnen voorzien. Want waar beleggers vroeger alleen geïnteresseerd waren in financiële prestaties, worden de ecologische factoren meer en meer belangrijk. Robert Metzke, Global Head of Sustainability bij Royal Philips geeft aan dat de helft van alle vragen van aandeelhouders over duurzaamheid gaat. 



Royal Philips hanteert “impact metrics” om de invloed van hun producten op de leefomgeving meetbaar te maken. Naast financiële doelstellingen wil het bedrijf in 2030 het leven van 2,5 miljard mensen per jaar te verbeteren.

Ecologisch beleggen, de E van ESG

De duurzaamheidsagenda van het bedrijf wordt samengesteld door de input van aandeelhouders, interne en externe stakeholders en trend- en media-analyse. Daarbij gaat het om niet-materiële onderwerpen zoals o.a. betere zorg en CO2-reductie. Vooral op het gebied van gezondheidszorg valt veel winst te halen. De gezondheidssector stoot wereldwijd meer CO2 uit dan de hele lucht- en scheepvaartindustrie bij elkaar. Als gezondheidszorg een land was, dan stond het op plek 5 van grootste CO2-uitstooters. Om dit tegen te gaan hanteert Philips een interne CO2 prijs die in alle bedrijfsinvesteringen verrekend wordt. Dit maakt de echte prijs van een product zichtbaar.


Lees hier het jaarverslag 2020.


Door het uitfaseren van alle fossiele brandstoffen en investeringen in o.a. eigen zonne- en windparken is Royal Philips sinds eind 2020 energieneutraal. Maar het bedrijf staat niet op zichzelf. Het is afhankelijk van leveranciers en partners en natuurlijk hun klanten.


Reshoring

Een groot deel van alle producten die op de Europese markt verkocht worden, hebben letterlijk een wereldreis achter de rug voordat ze bij de eindverbruiker terecht komen. Vooral Zuidoost-Azië was tot nu toe een heel aantrekkelijke productielocatie. Goed voor het portemonnee, minder goed voor de leefomgeving. Spullen over de hele wereld verschepen is niet bepaald duurzaam. Buiten dat het lang duurt voordat ze op de plek van bestemming aankomen.


Toch wonnen de lage kosten het van ecologische factoren en levertijd. Daar komt nu langzamerhand verandering in. Door tekorten zijn de grondstofprijzen sinds begin van de corona-pandemie fors gestegen. De prijs van één container vanuit Azië naar Europa ligt intussen bij 18.000 euro (van minder dan 2000 voor de corona uitbraak) en de trend is nog steeds stijgend! Dat doet pijn. 

Reshoring is het toverwoord. Vijf jaar geleden dacht nog slechts ca. 12% van de bedrijven na over productie dichter bij huis. Door de combinatie van hogere importtarieven, transportprijzen en klimaatimpact overwegen nu meer en meer bedrijven in de maakindustrie om hun productie naar Europa te halen. 


Het is echter niet zo makkelijk als het klinkt. Succesvolle productieketens zijn afhankelijk van goede relaties met betrouwbare leveranciers en de beschikbaarheid van personeel met voldoende technische know-how. En natuurlijk spelen snelheid en prijs een cruciale rol.


Experts zeggen dat het jaren kan duren en enorme investeringen gaat vragen voordat Europa weer zelf voorziend gaat worden.


Waar staat de duurzame belegger in het verhaal? 

Deze voorbeelden laten zien dat er tal van kansen liggen voor de duurzame belegger. Er ligt een enorme klimaatagenda die uitgevoerd moet worden om onze planeet niet alleen voor onszelf maar ook de generaties na ons leefbaar te houden. Dat vergt naast creativiteit en innovatiekracht ook forse investeringen. 


Beleggers spelen daarbij een sleutelrol. Door hun geld doelgericht te investeren kunnen ze processen sturen en versnellen. Dat hoeven ze niet alleen uit liefde voor het milieu te doen. Het rendement op duurzame beleggingen ligt nu al hoger dan op traditionele beleggingen (lees hier meer over). De verwachting is dat deze trend alleen maar sterker wordt. 


Of een belegger nu kiest voor een ecologiefonds of voor impact-beleggen door doelgericht te investeren in bedrijven met duurzame ambities, ecologisch beleggen zit in de lift.

Deel dit blog

gerelateerde artikelen

door Loege Schilder 2 februari 2026
Omzet en winstgroei portefeuille Tot en met 2 februari hebben 16 bedrijven omzetcijfers bekend gemaakt of een trading update gegeven over de omzet. Gemiddeld genomen is de omzetgroei 15,4% . Verder hebben 7 bedrijven de winstcijfers gepubliceerd. De gemiddelde winstgroei is 15,6%, ruim 7% beter dan verwacht. Hieronder worden per bedrijf de belangrijkste onderdelen van de cijfers toegelicht. Cijfers 7 januari: Pluxee Pluxee behaalde 7% meer omzet en bevestigde de doelstellingen voor het volledige boekjaar. Bij gelijke wisselkoersen was de groei 9% geweest. Dit was beter dan verwacht en de koers steeg in eerste instantie 6%. Later kwam de koers onder druk omdat de Braziliaanse regering de marge van aanbieders van maaltijdcheques wil beperken. De rechter heeft invoering van die maatrelen voorlopig tegengehouden. 8 januari: Sodexo De autonome omzetgroei was +1,8%, maar door wisselkoerseffecten daalde die met 2,2%. De groei in de VS viel tegen. Het bedrijf stelde eerder een nieuwe CEO aan met uitgebreide commerciële ervaring in de VS om de groei daar aan te jagen. Ook Sodexo bevestigde de guidance voor 2026. De koers reageerde niet noemenswaardig. 20 januari: Progress Software Progress behaalde in het vierde kwartaal 18% meer omzet en 13,5% meer winst. De winst kwam 15,3% hoger uit dan verwacht. Beleggers reageerden enthousiast met een koersstijging van 20%. Later verdween het enthousiasme en moest het aandeel de koersstijging vrijwel volledig inleveren. 21 januari: Inpost Inpost maakte bekend in het vierde kwartaal 30% meer pakketten te hebben bezorgd dan in hetzelfde kwartaal een jaar eerder. Het bedrijf heeft in Engeland en Spanje overnames gedaan. In maart volgen de omzet- en winstcijfers. Begin januari maakte het bedrijf bekend een overnamebod te hebben ontvangen. Dat bod wordt nog steeds bestudeerd. Inpost staat +30% hoger dan een eind december. 27 januari: Sage Group Sage Group heeft 10% meer omzet behaald en bevestigde de verwachting dat in het volledige boekjaar minimaal 9% omzetgroei gerealiseerd wordt. De koers steeg in eerste instantie 6%, maar sloot de dag af met -5%. Sage Group werd meegezogen in het negatieve sentiment omtrent software bedrijven. Beleggers zijn bang voor de toenemende concurrentie omdat met AI gemakkelijker software gebouwd kan worden. 28 januari: CGI De omzet steeg met 7,7% en de winst per aandeel met 7,6%; exact volgens de verwachting van analisten. Ook de koers van CGI steeg met 6% intraday, om daarna met -2% te eindigen. 29 januari: MarshMcLennan De omzet steeg met 8,6% en de winst per aandeel met 13,4%. De winstgroei was 7,1% beter dan verwacht. De koers steeg zo’n 6% en kon die ook vasthouden. 29 januari: Rogers Communications Mede als gevolg van een overname steeg de omzet 12,6% en de winst met 3,4%, terwijl was gerekend op een winstdaling met 4,1%. De koers steeg met ruim 6% na de cijfers. 29 januari: Hartford Financial Verzekeraar Hartford zag de winst met 38% stijgen, 27% beter dan verwacht. De koersreactie van 2% vonden wij mager. 29 januari: LPL Financial Ook LPL Financial heeft een flinke overname gedaan en zag de omzet bovengemiddeld groeien met ruim 40%. De winst groeide met 23%, zo’n 6% beter dan verwacht. Beleggers reageerden in eerste instantie negatief met een koersdaling van 4%, maar LPL kon de dag toch afsluiten met een kleine plus. 29 januari: Gentex Gentex zag de omzet 19% stijgen als gevolg van een overname, terwijl de winst 2,5% sneller dan de verwachting groeide met 10%. Gentex is afhankelijk van de automarkt en was voorzichtig met de vooruitzichten. De koers daalde 4%. 2 februari: Intesa De Italiaanse bank behaalde 10% winstgroei en zag vrijwel op alle KPI’s verbetering. Het bedrijf publiceerde de strategie tot 2029, waarin het de winst sterk wil laten groeien, 75% van de winst uitkeert als dividend en 20% gebruikt om aandelen in te kopen. De koers daalde licht. Trading updates 9 januari: Teamviewer Teamviewer kwam met een trading update waarin ze bevestigden dat de omzet (+9,7%) aan de onderkant, maar binnen de afgegeven bandbreedte uitkomt met een sterke marge van 44%. Beleggers reageerden opgelucht; het aandeel steeg bijna 10%. Later in de maand verdampte die koerswinst. Op 10 febuari volgen de volledige cijfers. 9 januari: Pandora Pandora kwam ook met een trading update, die juist niet goed werd ontvangen. De groei in het vierde kwartaal viel stil en beleggers waren bang dat de gestegen zilverprijs de resulaten nog verder onder druk zet. De koers daalde 13%. Op 11 februari volgen de volledige cijfers. 28 januari: Halozyme Therapeutics Halozyme verhoogde de omzetverwachting voor het vierde kwartaal en voor het 2026. De omzetgroei in het vierde kwartaal komt daarmee boven de 50% uit en in 2026 wordt opnieuw 23-30% omzetgroei verwacht. De koers steeg 4%. Op 24 februari volgen de volledige cijfers. 29 januari: Docebo Docebo gaf aan dat de omzet in het vierde kwartaal ruim 10% is gestegen, ondanks dat de grootste klant hun business bij Docebo afbouwt. De EBITDA stijgt 36-39% in het vierde kwartaal, hetgeen de schaalbaarheid van het bedrijf onderstreept. De koers steeg met ruim 5%. Op 27 februari volgen de verdere cijfers. 26 januari: Basic Fit Basic Fit heeft 18% meer omzet gehaald in het vierde kwartaal vanwege hogere ledenaantallen. De integratie van het overgenomen Clever Fit loopt voorspoedig. De koers steeg 8%, maar later in de week werd een groot deel van die winst weer ingeleverd. Op 11 maart volgen de volledige cijfers. We updaten deze pagina periodiek met nieuwe cijfers.
door Loege Schilder 2 februari 2026
De afgelopen maanden zijn de bewegingen op de effectenmarkten steeds extremer geworden. Kijk bijvoorbeeld eens naar de zilverprijs. Die dook vrijdag meer dan 30% omlaag. Het is een reactie op de enorme koersstijging die al ruim een jaar gaande is. Over een maand gemeten staat er nog steeds een plus van ruim 10% en over een jaar zelfs meer dan 142%. Bij goud zie je een vergelijkbaar patroon. Eerder hebben we dit bij Bitcoin gezien, maar ook bij de dollar en bij diverse aandelen. Meer Speculatieve beleggers In onze optiek zijn de deelnemers op de effectenmarkten steeds speculatiever geworden, omdat het nemen van (meer) risico heeft gewerkt de afgelopen jaren. Dat werkte toen de overheden de economie te hulp kwamen om te herstellen van de covid-pandemie. Het werkte ook nadat de koersen gestegen waren in 2022 toen de introductie van ChatGPT nieuwe inspiratie bood aan beleggers vanwege de enorme mogelijkheden van AI (en de bijbehorende investeringen). Het werkte opnieuw bij het herstel na de daling als gevolg van de aangekondigde handelstarieven, die uiteindelijk werden ingetrokken. Goede prestaties Big Tech en meer indexbeleggen versterkt effect De grote IT-bedrijven profiteerden enorm van de covid-maatregelen, waardoor ons leven verschoof naar online en de lage rentestand. Vervolgens kwamen daar de AI-fantasie bij en de sterke groei van indexbeleggen. Bij indexbeleggen stroomt het meeste geld naar de zwaarst gewogen bedrijven in de index, die daardoor verder in prijs stijgen. Jarenlang presteerde Big Tech bovengemiddeld, waardoor het enorm lastig was om de index te verslaan en er nog meer geld naar de index stroomde. Met de goede prestaties trokken de Big Tech-bedrijven ook het kapitaal van de speculatieve beleggers aan, met een hoofdrol voor Nvidia. Vanaf 2025 zien we het speculatieve kapitaal steeds sneller verschuiven naar een nieuwe doelgroep. Tot september ging het meeste geld naar het OpenAI-kamp (o.a. Nividia, Microsoft en Oracle), later verschoof de aandacht naar het Google/Gemini-kamp (o.a. Alphabet en Broadcom) en de laatste periode zijn de koersen van de makers van memory-chips geëxplodeerd (oa. Sandisk, Western Digital, Micron en Seagate). Ook de eerder genoemde edelmetalen profiteerden en in Nederland zagen we de koersen van de chippers ook fors stijgen vanwege de toenemende orders. Animal Spirits nemen het over De koersbewegingen zijn weliswaar gebaseerd op goed nieuws, maar op een gegeven kun je die economisch gezien niet meer verklaren. De bekende econoom Keynes kwam in de jaren ’30 van de vorige eeuw met een verklaring die hij ‘animal spirits’ noemde. In periodes van optimisme gelden niet meer langer de rationele economische wetten, maar nemen onze dierlijke instincten het over. Naarmate het optimisme langer duurt of toeneemt wordt de invloed van die instincten groter. Economische voorspoed en veel beschikbaar kapitaal versterken het effect. Daardoor ontstaan bubbels in de economie die onherroepelijk een keer barsten. Dat zorgt voor de economische golfbeweging. Na de benoeming van Kevin Warsh draaide het sentiment Afgelopen vrijdag zagen we in diverse segmenten van de markt dat de koersen fors daalden. De zilverprijs viel het meeste op, maar ook goud, cryptocurrencies en memory chipaandelen gingen relatief sterk onderuit, terwijl de Amerikaanse dollar juist sterker werd. De bewegingen versnelden nadat bekend werd dat Kevin Warsh de beoogd nieuwe voorzitter is van de Amerikaanse centrale bank. Kevin Warsh heeft eerder in het bestuur van de Federal Reserve Bank gezeten en staat bekend als een havik. Dat is de term voor centrale bankiers die restrictief beleid voorstaan om oververhitting van de economie te voorkomen. Omdat president Trump eerder veel druk uitvoerde op het fed-bestuur om de rente te verlagen, was de angst dat hij een voorzitter zou benoemen die zich ook voor het verlagen van de rente uitspreekt. De hoop op meer renteverlagingen zou de animal spirits verder versterken. Door de benoeming van Kevin Warsh is de verwachting dat de Fed het rentebeleid min of meer gelijk zal doorzetten, waarbij balans wordt gezocht tussen een gezonde arbeidsmarkt en redelijke inflatie. Dat is op lange termijn goed voor de economie, omdat het de economische golfbeweging afvlakt. Het maakt de economische groei stabieler en dat is veel beter voor de samenleving dan hoge pieken, gevolgd door diepe dalen. In de nasleep van de dotcom bubbel hebben we gezien dat de economische rationaliteit weer terugkeert op de financiële markten. Beleggers kijken weer naar de fundamentals, met vooral aandacht voor waardering en een sterke balans. In onze beleggingsstrategie spelen fundamentals een belangrijke rol. Dat heeft ons het afgelopen jaar in de weg gezeten, hopelijk keert dat tij ook met de komst van Kevin Warsh. Met een portefeuille aandelen die vrijwel net zo snel groeien, maar 50% goedkoper zijn dan de gemiddelde waardering van de S&P 500 zijn we er klaar voor!
door Erwin Sier 2 februari 2026
TeamViewer is een Duits technologiebedrijf dat bekend is om zijn gelijknamige softwareplatform, dat oplossingen biedt voor veilige toegang op afstand, ondersteuning, automatisering en samenwerking tussen verschillende apparaten. Bedrijven betalen doorgaans voor het gebruik van TeamViewer, zodat particulieren de software kosteloos kunnen gebruiken. Met TeamViewer kunnen gebruikers computers, servers en andere apparaten veilig beheren en bedienen vanaf vrijwel elke locatie, wat het bijzonder geschikt maakt voor IT‑ondersteuning, bestandsuitwisseling en het ondersteunen van hybride vormen van werken. Het bedrijf hanteert een abonnementsmodel op zijn software-as-a-service platform voor de volgende drie producten: TeamViewer Remote is een kernactiviteit voornamelijk bedoeld voor IT-ondersteuning aan het mkb, waarbij de in-house IT-professionals direct problemen kunnen oplossen en systemen onderhouden zonder fysiek aanwezig te zijn. Remote genereert het grootste deel van de omzet. TeamViewer Tensor biedt op maat gemaakte netwerkconnectie tools voor grote ondernemingen, zoals videovergadering, presentaties en het delen van schermen. TeamViewer Frontline verbindt medewerkers in de frontlinie met computers en apparaten via augmented reality- en mixed reality-oplossingen. Het richt zich op een breed scala van apparaten, zoals desktops, smartphones, slimme brillen, tablets en IoT-apparaten en werkt op alle bekende besturingssystemen. Frontline is een schaalbaar enterprise-platform. TeamViewer maakt verbinding mogelijk vanaf vrijwel elk apparaat en besturingssysteem, inclusief mobiel en browsers. Het geïntegreerde platform biedt naast remote access, apparaat bewaking, MDM (Mobile Device Management), en AR (Augmented Reality). Het biedt toegevoegde functionaliteiten zoals ingebouwde spraak/video, bestandsoverdracht, en proactieve IT-beheerfuncties. De applicaties zijn makkelijk te integreren met andere bedrijfssoftware.
Lees alle blogs